Categoriearchief: Atheïsme

Is geloven lui en laf?

“Geloven is lui en laf”. Woorden van Richard Dawkins. Misschien heb je weleens van hem gehoord. Afgelopen zaterdag was in de Sir Edmund-bijlage van De Volkskrant een interview met hem opgenomen. Dawkins is de inmiddels 76-jarige evolutie-bioloog, schrijver, denker en godsdienstdienst-basher – zo schetst interviewer Martijn van Calmthout zijn gesprekspartner. Klik hier naar Topics.nl voor het bewuste artikel.

Religie is dom

Richard Dawkins

Inderdaad, godsdienst-basher pur sang. Religie, godsdiensten, geloof, goden – dat alles dient zo snel mogelijk van de aardbodem te verdwijnen. Het zou een hoop schelen aan geweld, aan onderdrukking, aan discussies en debatten, zo is de redenering van Dawkins. Diverse boeken heb ik van hem gelezen, waaronder zijn wereldwijde megabestseller “The God Delusion” (Nederlandse vertaling: God als misvatting, 2006) Met de tong tussen de lippen, zo stel ik me voor, schrijft hij genoegzaam op hoe achterlijk en stom hij religie vindt.

Natuurlijk verwijst hij naar de gruwelverhalen in het Oude Testament. Hij schildert God af als Lees verder Is geloven lui en laf?

Bestaat God? (deel 3) – Kracht van het Verhaal

Michel Onfray (foto via Google)

“Overal heb ik wel geconstateerd hoezeer de mens fabuleert om de werkelijkheid niet onder ogen te hoeven zien. Het scheppen van achterwerelden zou nog niet zo erg zijn als de prijs ervoor niet zo hoog was: het vergeten van de werkelijkheid, dus de afkeurenswaardige verontachtzaming van de enige wereld die bestaat.

Geloof botst met immanentie, dus met het eigen ik, terwijl atheïsme verzoent met de aarde, anders gezegd met het leven zelf.”

Deze zinnen heb ik geciteerd het boek Atheologie (2005, p.16-17) van de Franse filosoof Michel Onfray (*1959). Hij is hoogleraar filosofie in Caen. Zowel in Frankrijk als daarbuiten is hij een vurig pleitbezorger van atheïsme én van het zuigen van alle vrolijkmakende sappen uit het leven, Lees verder Bestaat God? (deel 3) – Kracht van het Verhaal

Bestaat God? (deel 2) – Blablabla vs nuance

“Je gaat naar de hel”

Okay, geloven in God, dat doe ik. Atheïsme is niks voor mij. Althans, ik ben wel content dát het er is. Zou het atheïsme een uitvinding kunnen zijn van God, dat Hij de atheïst heeft geschapen? Alsof Hij wrijving wil geven om te kunnen glanzen.

Op dit moment is zo’n 25% van de Nederlanders atheïst. Ik ken ze in diverse netwerken. De meesten willen niet erover praten: de passieve atheïst. De rabiate atheïst is wel hoorbaar en vaak niet benaderbaar. Ach, hoe het ook zij: atheïsme houdt mij dus alert bij de vraag waarom ik geloof in God. Als ik spreek over God, Wie bedoel ik dan, wat betekent dat in concreto  etc.  Het gesprek tussen godgelovigen en godloochenaars dient ten allen tijde plaats te vinden.

Alleen, er zijn voorbeelden te over hoe het naar mijn mening niet zou moeten. Een recent voorbeeld vind ik van de week op het YouTube-kanaal van PownedTV. Lees verder Bestaat God? (deel 2) – Blablabla vs nuance

Bestaat God? (deel 1) – Boterletter en atheïsme

Boterletter S(lang)

Als predikant ben ik nu vier jaar werkzaam in Amsterdam en in het dorp Zunderdorp ten noorden van de big city. In dit deel van Gods Wijngaard woekert de ontkerkelijking flink door. De gelijkenis van Jezus Christus over de zaaier (Lucas 8, vers 5vv) komt me prangend voor ogen: het zaaien van het zaad, Gods woord (vers 11), valt hier vooral op rotsgrond. Of de grond is zeer schraal. Ik merk een groeiende onverschilligheid op. Er is nauwelijks belangstelling voor het christelijk geloof. Of vanuit ander perspectief, zoals een Amsterdammer in hart en nieren een keer tegen mij zei:

“Goh, dat je bij een christelijke kerk hoort. Dus je gelooft in een god? Nou, die god van jou is een boterletter. Je hebt er niets aan. De tranen van de wereld spatten van de krantenpagina’s.”

Als ik wat doorvraag, dan is er nauwelijks een tochtgaatje bij de ander te vinden. Hoe kan ik aanhaken bij de zingeving, bij wat van waarde is in het leven van de ander? Laat staan om een koppeling te vinden met (het woord) God. Ik zie de vraagtekens al in de opgetrokken wenkbrauwen van de ander wanneer hij hoort, Lees verder Bestaat God? (deel 1) – Boterletter en atheïsme

Rot op met je religie

Nee, de titel heb ik niet zelf verzonnen. De Evangelische Omroep (EO) zendt op dit moment een vijfdelig programma uit met die dus ietwat provocerende titel “Rot op met je religie”. Het EO-programma dat door Kefah Allush wordt gepresenteerd, doet het nodige stof opwaaien, vooral op sociale media en in de pers. Haast iedereen heeft er wel een mening over.
Ik heb de eerste aflevering gezien en was ronduit gefascineerd én teleurgesteld. Twee atheïsten, twee christenen, een moslim en een jood zijn twee weken lang samen in één huis. Ze hebben alle zes een duidelijk idee over de (on)zin van geloof en religie. Samen gaan ze er volop in: hun overtuigingen en fundamenten worden over en weer bevraagd. Dat gaat niet altijd even zachtzinnig. Lees verder Rot op met je religie

Al die seks in de kerk (Le tout nouveau Testament)

Filmposter "Le tout nouveau testament" (2015)
Filmposter “Le tout nouveau testament” (2015)

“Zonde dat het einde van de film moet klinken met een vloek.”
“Moet dat nou, zo’n film met al die seks, in de kerk?”
“Ik snap niet dat dit wordt vertoond in een huis van God.”
“Ik wilde eigenlijk weglopen tijdens de pauze, want ik geneerde me voor wat ik zag.”

Het was de zevende keer dat ik een film liet zien in de kerk van Zunderdorp waar ik dominee ben. De film “Le tout nouveau testament” van Jaco van Dormael uit 2015 kreeg vooral bovenstaande reacties vanuit het gemêleerde publiek van wel- en niet-gelovig, rand-, niet- of betrokken-kerkelijken. Dat had ik nog niet eerder meegemaakt.

“Dat moeten we maar niet meer doen”

Zo luidt de slotconclusie voor sommigen.

Verhaal van de film

Ik wist met het laten zien van de film, dat wrijving en schuring voelbaar zou zijn. De film vertelt Lees verder Al die seks in de kerk (Le tout nouveau Testament)

Nou, het zal wel

Antiquariaat (algemeen) uitsnedeOnlangs bezocht ik een rommelmarkt. Ik vind het leuk om te zoeken naar wat voor mij van onschatbare waarde is en voor de verkoper slechts één euro waard. Mijn ogen gaan langs boekruggen, de afwisseling van diep rood naar lelieblank, van puntgaaf tot stukgelezen, van vergeeld tot met zorg van het daglicht afgeschermd. De afgesleten goudkleurige belettering wisselt met bijna vervaagde grijsopdruk.

Geloof interesseert mij niet

Een bijbel houdt mijn blik vast. De geur van leeftijd vergezelt de bladzijden. Een huwelijksbijbel uit 1966. De twee namen van het kersverse echtpaar in schoonschrift. Tegen de namen zeg ik zachtjes: Lees verder Nou, het zal wel

In de papierversnipperaar

Stofzuigerzak (Miele)Met een pak stofzuigerzakken sta ik te wachten in de rij voor de kassa van een electronicagigant. Achter mij komen twee jongens van in de twintig te staan. Ze hebben beiden afgetrapte Vans-gympen aan. Bij een van hen komt de witbesokte kleine teen al naar buiten. En ze dragen allebei een driekwartbroek waardoor ze kleiner lijken dan ze zijn.
De afstand tussen henzelf en de kassadame bevalt hen niet. Vooral als een wat oudere heer in hun ogen zit te klieren met zijn pinpas, zien ze aanleiding om wat suggesties te doen: “Alle ouderen hun pinpassen inleveren en in de papierversnipperaar.”
“Huh?!”, zegt de ander met haarcoupe Bloempot. Lees verder In de papierversnipperaar

Studieverlof “Homilie met Dalí” (vervolg)

Salvador Dalí (1950) Foto: Willy Rizzo

Bijna twee jaar verder en ik kan de draad weer oppakken die ik in eind oktober 2011 heb neergelegd. In mijn vorige gemeente Barendrecht heb ik een begin gemaakt met het driemaandelijkse studieverlof: “Homilie met Dalí”. In verband met het aangenomen beroep vanuit en het verhuizen naar Zunderdorp en Amsterdam en in overleg met bestuur en kerkenraad is afgesproken dat ik de resterende twee maanden in 2013 kon gebruiken.

Vanaf nu tot en met 25 augustus  heb ik de tijd om verder te gaan met de vraag of de kunstschilder Salvador Dalí mij kan helpen een preek te schrijven. Deze insteek heeft verschillende boeiende kanten: enerzijds kan ik mijn kennis rondom preekkunde (homiletiek) weer opfrissen en bijspijkeren. Anderzijds kan ik me verder verdiepen en daarmee lijntjes leggen tussen kunstgeschiedenis en theologie en dan met name de boeiende biografie en gedachtenwereld van Dalí. De naam Dalí roept steevast reacties op. De een vindt zijn kunst vulgair en lelijk. De ander spreekt in superlatieven. Door hem gemunte uitdrukkingen als “paranoïde-kritische methode” of “concrete irrationaliteit” lijken op het eerste gezicht vaag en verwarrend. Tegelijk zetten ze mij op scherp, nu ik meer weet van de achtergronden van deze woorden. Daarover meer in de komende periode.

Wat ik tot nu gedaan heb, een overzicht: Lees verder Studieverlof “Homilie met Dalí” (vervolg)

Vraag aan de dominee

Leuk dat je hier terecht bent gekomen op deze pagina. En dat je belangstelling toont voor het christelijk geloof.  Wellicht heb je de zoektermen “Vraag aan een dominee” of “Vragen voor de dominee” of “Vraag stellen aan een dominee” of iets in die trant gebruikt.

Als dominee ontvang ik graag een vraag. Pasklare antwoorden heb ik niet altijd. Het christelijk geloof heeft voor mij de kracht van vragen stellen en vanuit bepaalde antwoorden weer nieuwe vragen stellen waardoor het gesprek wel verder gaat. Zo is christelijk geloof een weg vol richtingwijzers om nieuwe stappen te zetten. Want iedere stap is een aankomst.

Om je een eerste indruk te geven van “vragen aan de dominee” die zijn gesteld tot nu toe via de email of via andere wegen:

“Wie is God”
“Bestaat de Hemel”
“Wat weet u van de hel”
“Humor in de bijbel”
“Christen zijn in Nederland”
“Wat is christendom?”
“Opstanding van Jezus waar in de muziek”
“Wat is geloven”
“Wat is het wereldbeeld  van de bijbel”
“Heeft God ogen?”
“mag je van God scheiden als het huwelijk slecht is?”
“ongewenst kinderloos zijn en God”
“ervaring met God in de kerk?”
“mag je fotograferen in de kerk”
“was Paulus trouw aan de leer van Jezus”
“evolutie en christelijk geloof samen”
“christendom en andere religies”
“is God dezelfde God als van de islam?”
“ik wil graag praten met een dominee”
“eenzaamheid en God”
“een kerkdienst bezoeken – waar moet ik op letten?”

Heb je een vraag voor mij of wil je meer weten van een bepaald onderwerp, mail me dan via blog (@) amstel4.nl

Hartelijke groet,
ds Robert-Jan van Amstel, update: 24 september 2019.

Je droom of je leven

Buiten adem was ik aan het einde van het boek “Het verslag van Brodeck” van Philippe Claudel (*).  In de tuinstoel op het Italiaanse vakantieadres kon ik maar langzaam het boek echt sluiten. Het beeldgebruik, de taal, de indringende verhaallijnen, het soms groteske gevecht tussen menselijke waardigheid en onmenselijk geweld, de fijn-geschreven liefde en de uitgemeten smeulende, ordinaire hypocrisie tussen mensen.
Claudel beschrijft op een zeer concrete, haast universele manier hoe ‘de’ mens zich kan bewegen als solist, egoïst, sociaal én rancuneus wezen.
Op internet zijn er voldoende boekbesprekingen over “Het bericht van Brodeck” te lezen, Google is your friend. Zelf wil ik twee voor mij indringende stukken uit het boek voor het voetlicht brengen.

De geestelijke WC Lees verder Je droom of je leven

Mag het iets meer zijn? (deel 2)

Dit blogbericht is een vervolg van “Mag het iets meer zijn?” deel 1, een leesverslag van het nieuwe boek van ds Klaas Hendrikse “God bestaat niet en Jezus is zijn zoon”. Dit 2e deel zal ik besluiten met een paar concluderende zinnen.

We pakken de draad op: Hendrikse neemt ons mee naar het einde van de Babylonische Ballingschap, rond 539 vC. De redactie van het Oude Testament krijgt een extra boost door de overwinningsroes: de joden mogen terugkeren naar eigen land door het edikt van de Perzische vorst Kores. Alsof het mythische verhaal over de bevrijding uit Egypte opnieuw wordt beleefd. Bescheidenheid bij de redacteurs met betrekking tot de rol van JHWH is er niet: “hij is de grootste. Euforie alom. De Babyloniërs waren verslagen”. Dan zegt Hendrikse dit:

“Vanuit die overwinningsroes is het Oude Testament, voor zover het bestond, herschreven, en voor zover het nog niet bestond, geschreven.”

Zie p.45 van zijn boek. In die tijd heeft ook het boek Genesis (p.50 vv) een belangrijke gedaanteverandering voor de boeg. Of suggereert Hendrikse dat het hele boek Genesis dan wordt geschreven? Hoe het ook zij: de bijbel zet stevig in met God als schepper van hemel en aarde in den beginne. Dat heeft te maken, aldus Hendrikse, te maken met de jubel van de teruggekeerde bijbelschrijvers dat God boven alles en iedereen staat.

Het is een mythe, geen geschiedschrijving. En niet eens een originele mythe, aldus Hendrikse, het gros van de Genesis-mythen zijn kopieën van de Babylonische mythen met een joodse twist erin,  zoals een “gefrustreerde slang” (p.56); de aartsvader wordt door Hendrikse neergezet als een mythologisch figuur, p.96. Hoe het ook zij: het monotheïsme (er is één God) krijgt werkelijk beslag na de Babylonische Ballingschap: JHWH is “the one and only” (p.60) Lees verder Mag het iets meer zijn? (deel 2)

Mag het iets meer zijn? (deel 1)

“Als je een standbeeld van een christen zou maken, hoe zou dat er dan uitzien?”[1]
Bij mij komt het beeld van een christen voor ogen die niet naar het net te hoog hangend fruit grijpt, maar als een schaatser voorovergebogen met de uitgestrekte hand reikt naar de belofte van God.  De Heer komt aanstormen[2] om zijn Rijk definitief te vestigen. Het beeld van christen is voor mij dynamisch, beweeglijk, vasthoudend, sterk.  Tuurlijk, het gevaar van generalisering en “over één kam scheren” loert om de hoek. Toch is het goed om hierover na te denken: zet tien christenen bij elkaar en er zullen tien verschillende beelden worden gemaakt.

Bij het lezen van het nieuwe boek van de Zeeuwse predikant ds. Klaas Hendrikse “God bestaat niet en Jezus is zijn zoon” (Amsterdam, 2011) kwam een soortgelijke vraag bij mij naar boven: stel, je zou een standbeeld maken van de “iemand die zichzelf niet als ongelovig beschouwt, die probeert zijn eigen weg te zoeken te midden van mensen en stromingen die het met hem eens zijn dat er niet ‘niets’ is” (p.8), zoals Hendrikse zijn bedoelde lezer voor ogen heeft.

Deze lezer is ooit-kerkelijk-geweest, “inmiddels kerkverlater”, omdat er antwoorden in de kerk worden gegeven op vragen die niet gesteld worden (en vice versa). Deze lezer ziet de kloof tussen wat er in de (christelijke) kerk gebeurt en daarbuiten. Of de bedoelde lezer van Hendrikse  is niet-kerkelijk,  zoals Hendrikse zegt: “die met een grote boog om God of Jezus heenloopt” (p.9) maar wel op zoek zijn in de “veelheid van zingevingsaanbod”; deze de op voorhand christelijke kerken mijdende lezer is “eerder geneigd te geloven in ‘iets’ dan in wat in kerken ‘God’ wordt genoemd”.
Hendrikse raadt de lezer die kan wonen in de kerkelijke antwoorden omtrent God en Jezus, af zijn boek te lezen om niet aan het twijfelen te worden gebracht. Helaas zegt Hendrikse niet hoe deze twijfel dan zou worden ingekleurd, want ik vind het eerlijk gezegd nogal meevallen – toegegeven, ik ben theoloog en praktiserend christen. Degene die zou kunnen gaan twijfelen, zou sowieso niet in de categorie passen van mensen voor wie Hendrikse niet geschreven heeft.[3]

Een beeld maken van de niet per se christelijke god- en/of zinzoeker, de lezer die Hendrikse voor ogen heeft, zou in mijn ogen een figuur zijn met de ene hand tastend naar een zoekgeraakte sleutel en de andere hand afwerend naar elke bemoeienis van b(B)uiten; opvallend detail: het standbeeld heeft een zonnebril op om zich te beschermen tegen het zonlicht. Lees verder Mag het iets meer zijn? (deel 1)