Al die seks in de kerk

Filmposter "Le tout nouveau testament" (2015)
Filmposter “Le tout nouveau testament” (2015)

“Zonde dat het einde van de film moet klinken met een vloek.”
“Moet dat nou, zo’n film met al die seks, in de kerk?”
“Ik snap niet dat dit wordt vertoond in een huis van God.”
“Ik wilde eigenlijk weglopen tijdens de pauze, want ik geneerde me voor wat ik zag.”

Het was de zevende keer dat ik een film liet zien in de kerk van Zunderdorp waar ik dominee ben. De film “Le tout nouveau testament” van Jaco van Dormael uit 2015 kreeg vooral bovenstaande reacties vanuit het gemêleerde publiek van wel- en niet-gelovig, rand-, niet- of betrokken-kerkelijken. Dat had ik nog niet eerder meegemaakt.

“Dat moeten we maar niet meer doen”

Zo luidt de slotconclusie voor sommigen.

Verhaal van de film

Ik wist met het laten zien van de film, dat wrijving en schuring voelbaar zou zijn. De film vertelt het verhaal over een hardvochtige, sacherijnige god wonend in Brussel. Hij ziet zijn zoon Jezus (aangeduid als JC in de film) niet meer dan enkel als beeldje op de kast. Zijn vrouw houdt hij onder de duim houdt. Ea, zijn dochter, tiranniseert en kleineert hij. Deze god speelt met mensenlevens. Hij verzint allerlei wetten zoals “De rij bij de andere kassa gaat altijd sneller” en regeert de wereld met een oude PC. De dochter is de situatie thuis inmiddels spuugzat en wil zo snel mogelijk weg. Uiteindelijk weet ze de uitgang te vinden met een goede tip

Ea, de dochter van god in Le Tout Nouveau Testament
Ea, de dochter van god in Le Tout Nouveau Testament

van haar broer Jezus. Door middel van een gehackte wasmachine komt ze in de wijde wereld terecht. Ze wil een geheel nieuw testament schrijven en een zwerver gaat haar daarbij helpen. De verhalen van mensen vormen een nieuwe bron van zingeving. Ze bloeit helemaal open en vindt haar eigen stem.
Ze zoekt zes nieuwe volgelingen met ieder zijn en haar verhaal vol geluk, pijn, angst, eenzaamheid, verlangens, (on)verschilligheid, fetisjen, geheimen en humor. De film vertelt op rauw-tedere manier hoe mensen hun nieuwe bestemming vinden en hun eigen muziek herkennen.
Terwijl in Brussel allerlei veranderingen in mensenharten plaatsvinden, gaat god zelf op pad. Op zoek naar zijn dochter. Hij maakt aan den lijve mee hoe lelijk de wereld is geworden. Hij ondergaat letterlijk zijn eigen regelgeving van beknotting en kinderlijk sadisme. Hij komt zichzelf tegen. Echter, deze god is niet van plan om aan reflectie te doen. Zeker, zijn dochter zal hij vinden. Alleen door soms hilarische omstandigheden zal het hem niet lukken om haar terug te brengen. Hij wordt een gevangene van het leven dat hij zelf heeft verzonnen.
Zijn dochter heeft het gloednieuwe testament kunnen schrijven. Dat testament wordt een instant bestseller. Slechts een witte kaft alsof het nog een dummy is. Hagelwit papier met tekeningetjes en korte spreuken en levenswijsheden. Genoeg ruimte om je eigen verhaal op te nemen in dat dikke boek.
Voordat de aftiteling komt, klinkt een hartgrondige vloek uit de mond van god.

Mijn interesse is gewekt

Dat de reacties na afloop van de film zodanig verdeeld zouden zijn, wekte gelijk mijn interesse op. Ik laat geen films zien in de kerk om de kijker op stang te jagen, laat staan uit de kerk te jagen. Ik zoek vooral filmmateriaal waardoor mensen aan het denken worden gezet. Dat wissel ik af met films waar de kijker een aai over de bol krijgt inclusief feel good-moment en een lach. Graag zelfs!

Rinke van Hell
Rinke van Hell

Afwisseling van thema’s en verhalen laat de rijkdom en diepgang zien van menselijke ervaringen en emoties. Maar wat is er nou gebeurd tijdens en na de vertoning van “Le tout Nouveau Testament”?

Een artikel getiteld “Free in Deed, een keerzijde van het geloof” in het tweemaandelijkse blad Wapenveld. Over geloof en cultuur, oktober 2016 (jg.66 nr.5) brengt me een eyeopener. Rinke van Hell, gepromoveerd op de thematiek van, grof gezegd film kijken en geloof, schrijft o.a.:

Een andere mogelijkheid is films over religie als spiegel te zien. Soms schrik je van het beeld dat deze te zien geeft, maar als je eerlijk bent ontdek je dat het meer aan de werkelijkheid voldoet dan je eigenlijk zou willen. Als christen weet je dat de manier waarop gelovigen in films worden neergezet niet altijd voldoet aan het ideale plaatje, maar tegelijkertijd zie je gelijkenissen die op zijn minst te denken. (p.39)

Dat herken ik zeker: films mogen iets  ontregelends hebben in het vaak geregelde en gereguleerde leven van alledag. Ze gebruikt het woord spiegel: wat zie ik in de spiegel als ik mezelf zie als gelovige? Welke zingeving hoort bij mijn plaatje? Wat vind ik daarin belangrijk?

Drie lagen van normativiteit

Van Hell vervolgt in haar artikel, dat er drie lagen of niveaus van normativiteit zijn aan te wijzen. Ze legt het woord niet uit in haar tekst. Normativiteit kun je omschrijven als ‘wat aangeeft hoe het precies hoort’, dus vanuit een bepaalde norm redenerend. Ieder mens heeft een stel normen, zoals hij/zij vindt hoe het hoort. Die normen komen voort uit eigen waarden. Deze eigen normering en waarden ‘kijken’ mee wanneer iemand een film ondergaat. Niemand kijkt een film neutraal.
Van Hell benoemt drie niveaus van normativiteit: ethisch, dogmatisch en esthetisch.

Niveau 1: ethisch

Het eerste niveau stelt zichzelf de vraag: “Is dit goed?”, “Voldoet de film aan mijn normen- en waardenstelsel?” Van Hell:

Films waarin wordt gevloekt of waarin naakt te zien is, vallen in deze manier van kijken automatisch buiten de boot.

Gorilla en dame hebben elkaar gevonden
Gorilla en dame hebben elkaar gevonden

Ik denk dat gebeurd is tijdens de vertoning van de film Le tout nouveau testament in de kerkzaal. Er was veel moeite met de vele toespelingen op (de behoefte aan) seks. Terwijl er geen expliciete seksscènes in de film te zien zijn.
Als voorbeeld waar flink wordt geprikt op ethisch niveau, noem ik de dame op leeftijd die intiem is (geweest) met een enorme gorilla. Aan het einde van de film zien we de baby door dame en gorilla geliefkoosd. Dat valt voor de meeste mensen buiten het kader van wat gewoon en norm is.
Terwijl ik het spel van regisseur Van Dormael met dergelijke normen juist zie als een uitdaging: mensen die een andere voorkeur hebben, vallen die dan meteen buiten de boot van de samenleving of uit de boot van het christelijk geloof of een kerk?

Niveau 2: dogmatisch

Het dogmatisch niveau van normativiteit heeft, zo schrijft Van Hell, niet zozeer niet zoveel te maken met dogmatiek, dus systematische geloofsleer. Ze schrijft:

Het [dogmatische] duidt op de realiteitsgehalte van een specifieke film: laat deze film de wereld zien zoals deze werkelijk is (in mijn ogen)?

Recente films als Noah (Darren Aronofsky, 2014) en Exodus (Ridley Scott, 2014) die ik beide gezien heb, suggereren het verhaal van de Bijbel te volgen. De vraag die mij opkwam bij het zien van deze films, was deze: waarom is dit niet bijbelgetrouw gebeurd? Ik heb blijkbaar toch

God in Le Tout Nouveau Testament
god in Le Tout Nouveau Testament

een norm van bijbelverfilmingen. In mijn blog over de film Noah laat ik mijn dogmatische normativiteit de stem van de film overstemmen, nu ik mijn tekst uit 2014 teruglees.

Na de film Le tout nouveau testament zie iemand tegen mij: “Wat een kwal is die god! Zo is de God van de Bijbel toch helemaal niet? In zo’n god kan ik niet geloven.”  Of: “God is toch alleen en niet getrouwd met een vrouw?” De film van Van Dormael port dus heel direct tegen de godsbeelden van de kijkers aan. Daarbij is de vervreemding extra groot, dat god eerst Brussel schept. Hij probeert wat met dieren die hij via een online dierenencyclopedie kiest. Het Bijbelverhaal in het bijbelboek Genesis vertelt juist over God die vanuit een chaotisch niets iets moois maakte met als kroon de mens. Ook hier kan ik me goed indenken, dat mensen afhaken, omdat de filmmaker te veel van de kijker vergt uit de eigen comfortzone van geloof en godsbeeld te stappen.
Ik zou wat steviger kunnen zeggen: de god van Van Dormaels film is een atheïstische manier van aanklagen. Want als ik die god verafschuw en liefst ontken (hoe atheïstisch), welke God dien ik dan wel en waarom?

Niveau 3: esthetisch

Van Hell noemt als derde niveau van normativiteit het esthetische: het gaat niet zozeer om

“de vraag of de film mooi is, maar of de film ruimte laat.” (p.40)

Van Hell vervolgt:

Op het esthetisch niveau moet een kijker geraakt worden door de film en wordt de vraag gesteld of een film iets te zeggen heeft in mijn huidige situatie. Ook als een film de werkelijkheid niet letterlijk kopieert (vooral dan) of als een film ook de nare rafelranden van de wereld laat zien, inclusief zonde, kan deze voldoen aan de eisen van het esthetische niveau van normativiteit.

Voor verschillende bezoekers heeft deze film geen ruimte gelaten om na te denken voor de eigen huidige situatie. Dat is lastig als er reeds storingen zijn op het ethische en dogmatische niveau. Want, als de film bij de kijker buiten allerlei eigen normen valt en weinig geloofwaardigheid is waar het gaat om eigen godsbeelden en Bijbelverhalen, dan is er nagenoeg geen vet meer op het bot om na te denken over de persoonlijke situatie. De film stelde mij de vraag: hoe beleef ik de wereld waarin ik leef? Ben ik op mijn plaats? Is de leefruimte goed genoeg of benauwend?

Nog een keer in de kerk? Zeker!

Regisseur Jaco Van Dormael
Regisseur Jaco Van Dormael

Nu ik deze onderverdeling van Van Hell zo zie, kan ik beter begrijpen waarom de reacties zo heftig waren na afloop van de film. En toch: de film van Van Dormael zou ik weer in een kerk laten zien, daar waar mens het mysterie van meer tussen hemel en aarde kunnen ervaren.
Alleen, nu ik zo over nagedacht heb, zou ik het anders aanpakken.
Bij het welkom heten van de belangstellenden houd ik een korte en krachtige introductie waar ik iets meer vertel over de inhoud (zonder duiding) van de film. Meer dan enkel wat vingerwijzingen waarvan ik denk dat deze als smaakmakers zijn, terwijl het publiek te veel in het ongewisse blijft.
Dan de film vertonen zonder pauze.
Na afloop van de film de mensen laten napraten met een paar gespreksvragen, eerst in groepjes, later plenair. Ik besef, dat het tijdstip laat is op een doordeweekse avond. De film was rond 22:00u afgelopen nadat ik deze rond 20:10u had gestart. Als mensen vroeg uit de veren moeten de volgende dag, dan is het raadzaam om de avond eerder te beginnen. Want hoe dan ook, er dient stoom te worden afgeblazen en emoties gedeeld. Anders blijft het hangen in opmerkingen als waarmee ik begon: “Al die seks in de kerk”, terwijl de seks echt geen hoofdmoot is in de rolprent van Van Dormael.
De film functioneert voor mij, naast de humor en de ongelooflijke creativiteit en plezier, als een wrange spiegel van mijn eigen geloof en impliciete afgoderij en kan dus helpen om te zuiveren wat er is aangekoekt aan mijn geloof in God.

Robert-Jan van Amstel, 7 december 2012

P.s. de film bevat pareltjes van beelden. Een hele mooie vondst is hoe het beroemde schilderij van Leonardo da Vinci “Het laatste avondmaal” wordt aangevuld met de nieuwe volgelingen bij elkaar gebracht door Ea. Deze gewoon-bijzondere mensen hebben een plek aan de tafel van Jezus Christus – en is dat niet dé boodschap van het christelijk geloof, het evangelie?

Da Vinci's Laatste Avondmaal met 18 discipelen
Da Vinci’s Laatste Avondmaal met 18 discipelen

P.s. hieronder de officiële trailer van de film (via YouTube)

p.s. 3 De prachtige soundtrack van de film is te beluisteren via Spotify: