Cadillac, een autoliefde (deel 2)

 

Piet van Meerveld (2013) Foto: Erik Hijweege

Mijn liefde voor het automerk Cadillac (klik hier voor deel 1) is niet onopgemerkt gebleven. Want, wat schetst mijn verbazing en roept tevens mijn lachspier wakker: in de nieuwe uitgave van het blad Monitor, uitgegeven door Stichting Diensten met Belangstellende (DmB) kom ik een alleraardigste tekst tegen van de oud-voorzitter van DmB, Piet van Meerveld.

Afscheid van DmB

In april van dit jaar heb ik als dominee afscheid genomen van een bijzondere groep mensen die verbonden is aan  DmB. Naast de toespraken van tijdens de afscheidsdienst zelf, laat Piet zich op een andere manier horen. Hij heeft een kleine kroniek geschreven:  

“Wat u nog niet wist van ds. Robert-Jan”

Toen ik de titel las, wist ik het zelf ook nog niet. Of zou Piet iets hebben gehoord in de kerkelijke wandelgangen? Heeft hij doorgehad dat ik verzot ben op chocolade en drop? Weet hij van mijn CD-collectie? Nee, hij heeft op eigen authentieke manier, zoals ik van hem gewend ben, iets anders gevonden wat hij wel wist en heel veel anderen nog niet ;-).

Cadillac-hobby

Ik heb geen speciaal ingerichte kamer vol Cadillac-spullen. Ook niet een garage vol collectors items. Of stapels boeken over de rijke historie van het automerk. Nee, ik wissel regelmatig van Cadillac. En ik heb zelfs een Cadillac uit 1996 weer opgeknapt.
Hieronder een filmpje van mij op YouTube rijdend in deze geweldige wagen:

Opvallend om door de ogen van iemand anders te lezen hoe mijn Cadillac-hobby wordt beleefd: klik op het onderstaande plaatje, dan wordt een nieuw venster/scherm geopend, dan kun je de tekst goed lezen.

Met recht een knipoog van deze door mij zeer gewaardeerde oud-voorzitter van DmB.

(c) Piet van Meerveld

Tsja, toch maar weer een update: inmiddels rijd ik Cadillac, een Seville uit 2000. Met recht een black beauty (klik op de foto voor vergroting)

Cadillac Seville SLS 4.6 V8 (2000)

De foto heb ik gemaakt op de dag van aankoop. Meerdere foto’s volgen als de auto weer gewassen is.

Robert-Jan van Amstel, 23 juni 2018