Bezinningsdag DmB Amsterdam ‘De Kerkdienst’

Deze zaterdag doe ik mee met de bezinningsdag van het bestuur van Stichting Diensten-met-Belangstellenden. Sinds oktober vorig jaar ben ik verbonden niet alleen aan de Protestantse Gemeente Zunderdorp, echter ook aan deze Stichting die iedere zondag 19:00 uur laagdrempelige kerkdiensten organiseert (www.dmbamsterdam.nl). Eén van de punten die tijdens het beroepingswerk naar boven kwamen, was de behoefte op bezinning met betrekking tot de kerkdienst en dan met name het taalgebruik in de dienst. Is dat nog van deze tijd of hebben we te zoeken naar een verfrissing daarvan. En hoe werkt dat dan? Is het nodig of niet? Wat zijn goede voorbeelden van hedendaags taalgebruik in een kerkdienst?
De bestuursleden heb ik de opdracht gegeven om zelf een kerkdienst in elkaar te zetten zonder te letten op wat wel of niet mag. Daarbij heb ik gevraagd een element aan de orde van dienst toe te voegen dat compleet out-of-the-box is; zo word je als het ware uit de vertrouwde context gehaald.
Met de input die ik heb ontvangen, kan ik wel zeggen dat het geheel erg mooi en inspirerend is geworden. Vanuit die creativiteit ga ik het gesprek met de bestuursleden aan. Hedendaags taalgebruik is een prima streven. Alleen: waarop dient dat taalgebruik gebaseerd te worden? Dat maakt het nog spannender.

Heb jij een voorbeeld van hedendaags taalgebruik zoals dat in een kerkdienst gebruikt kan worden?

ds Robert-Jan van Amstel, 13 juli 2013

9 gedachten over “Bezinningsdag DmB Amsterdam ‘De Kerkdienst’”

  1. In jouw stukje hierboven zijn “een element die” en de spelling van “contekst” al geinige voorbeelden van hedendaags taalmisbruik.
    De vraag is hoever je komt met bijv. “De Torrie van Mattie” en waarom je dat doet.
    Wat is functioneel en wat is gewoon een gimmick?
    En wellicht zou je vooral de bezoekers van de diensten moeten vragen wat voor hen aansprekend is. Zij zijn het die je wilt bereiken.
    Wat voor mensen bezoeken de DmB? Wat is hun opleidingsniveau, hun werkkring, hun achtergrond? Over het algemeen zou ik om te beginnen kiezen voor taalgebruik dat het midden houdt tussen het Acht uur-jounaal, het Jeugdjournaal en het RTL-nieuws. Daar spreek je volgens mij een breed publiek mee aan.

    1. Ha Johan, dank je wel voor je reactie. Ik weet t, knoeperds van zbelvauten, dat is het nadeel van in haast geschreven tekst zoals bovenstaande. Inmiddels verbeterd, dank!
      De bezinningsdag van het bestuur was zeer vruchtbaar. Ik ga er een blogje aan wijden een dezer dagen. Toch ben ik wel benieuwd naar de reden waarom je verwijst naar tv-journaals.

      1. Die verwijzing naar Tv-journaast maakte ik, omdat die een breed publiek proberen aan te spreken, zonder in Jip-en-Janneke-taal te (willen) vervallen. Zo worden complexe zaken toch inzichtelijk gemaakt voor een heel breed publiek, met behoud van kwaliteit.
        Zo ongeveer was m’n gedachtegang.

        1. Helder, dank je voor de toelichting. Echter, het Journaal trekt geen 16 miljoen kijkers, ‘slechts’ 1 miljoen… Dus hoe breed is dat publiek dan? En welke ‘taal’ uit het Journaal zou passen in (de) taal van de kerkdienst?

  2. Beste Robert Jan,

    Zij allen verstonden hen in hun ëigen “taal.
    Ik denk dat het spreken zoals je wordt ingegeven de enige juiste benadering is.
    Je hebt immers voldoende voelsprieten in de samenleving.”
    Fratello Gert.

    1. Beste Gert, goed punt, een ieder hoorde hen in hun eigen taal. Mooie knipoog naar het Pinksterverhaal. Tegelijk weet jij ook dat ‘de hoorder’ niet eenduidig is te beschrijven. Of ze nou in de Barendrechtse Bethelkerk komen of in de Engelse Kerk in hartje Amsterdam, de hoorders hebben toch hun eigen luisterfrequentie. We zoeken naar een ruisvrije uitzending 😉

Reacties zijn gesloten.